Achterstallige cumulatief salaris betalen

vrijdag, 16 januari 2026 (07:22) - Salaris Vanmorgen

In dit artikel:

De kantonrechter heeft beslist dat de werkgever het achterstallige salaris van een onderbewindgestelde werknemer alsnog moet betalen. De bewindvoerder had gevorderd dat loon over de periode 1 juli tot 1 november 2025 wordt uitgekeerd, plus wettelijke rente, een wettelijke verhoging, kosten en correcte salarisspecificaties; die vorderingen zijn toegewezen.

Feiten en beoordeling
- De werknemer werkte vanaf 1 juli 2025 als bedrijfsleider op basis van een tijdelijk contract voor 40 uur per week. Op grond van de cao voor het horeca- en aanverwante bedrijf moet die functie gelijkgesteld worden aan de in de cao opgenomen functie ‘bedrijfsbeheerder I’ (functiegroep 4). De werkgever heeft die gelijkstelling en de daarbij horende salarisschalen niet weersproken.
- Voor 40 uur blijkt bij functiegroep 4 een bruto maandsalaris van € 2.528,93 te horen. Over vier maanden geeft dat een bruto-loonclaim van € 10.115,72. Tegenover dat bedrag staat dat de werkgever al voor € 2.740,- aan salaris heeft betaald; het resterende verschil is onbetaald en wordt door de kantonrechter toegewezen.
- Daarnaast krijgt de werknemer 8% vakantietoeslag over dat achterstallige loon (€ 809,26 bruto) en uitbetaling van 66,67 opgebouwde vakanturen (€ 972,72). Ook deze bedragen zijn door de rechter toegekend omdat de werkgever ze niet heeft betwist.

Aanvullende veroordelingen en dwangmiddelen
- De werkgever moet binnen 14 dagen na betekening van het vonnis correcte salarisspecificaties over de periode 1 november 2022 tot 1 november 2025 verstrekken. Bij nalatigheid geldt een dwangsom van € 75 per dag, tot maximaal € 2.500.
- De kantonrechter kent bovendien de gevorderde wettelijke verhoging (50% over het achterstallige salaris, vakantietoeslag en vakantie-uren), de wettelijke rente en proceskosten toe. De vordering werd als spoedeisend aangemerkt omdat de onderbewindgestelde afhankelijk is van dit loon voor noodzakelijke kosten van bestaan, waaronder huur.

Kortom: omdat de functie door de rechter aan functiegroep 4 van de cao is gelijkgesteld en de gevraagde bedragen niet zijn betwist, moet de werkgever de achterstallige looncomponenten, vakantietoeslag en vakantie-uren betalen en juiste loonstroken overleggen, onder dreiging van een dwangsom.