Doorbetaaldloonregeling bij reële overeenkomst van opdracht - standpunt Belastingdienst

vrijdag, 17 juli 2026 (07:05) - Salaris Vanmorgen

In dit artikel:

De Kennisgroep loonheffing algemeen van de Belastingdienst heeft duidelijk gemaakt dat de doorbetaaldloonregeling niet kan worden toegepast als tussen een holding-bv en een werk-bv sprake is van een reële overeenkomst van opdracht. In de casus van Alex verricht hij zijn werkzaamheden alleen ten behoeve van zijn holding-bv en niet persoonlijk voor de werk-bv, waardoor een (fictieve) dienstbetrekking met die nevenwerkgever ontbreekt. Daarmee valt de doorbetaaldloonregeling af.

Voor het gebruikelijk loon geldt dat dit uitsluitend op het niveau van de holding-bv moet worden vastgesteld. De gebruikelijkloonregeling is dus niet van toepassing bij de werk-bv, maar alleen bij het lichaam waarvoor Alex daadwerkelijk arbeid verricht en waarin hij of zijn partner een aanmerkelijk belang heeft. Omdat het genoten loon bij de holding in deze situatie op € 0 uitkomt, moet het fictieve loon daar volgens artikel 12a Wet LB 1964 worden bepaald; de exacte hoogte daarvan is aan de inspecteur. Het eerdere standpunt KG:204:2022:21 is ingetrokken.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Gedragstherapeut heeft slecht nieuws voor Raymond van Barneveld: 'Ga je nooit meer vanaf komen'