Geen ontbinding contract op h-grond voor bankzitter, onvoldoende inspanning werkgever
In dit artikel:
Een kantonrechter heeft het verzoek van een werkgever binnen de HeadFirst Group afgewezen om de arbeidsovereenkomst met een niet-geplaatste werknemer te ontbinden. De werknemer was sinds juni 2024 niet meer bemiddelbaar, omdat opdrachtgevers geen of nauwelijks vraag hadden naar zijn specialisaties in BizTalk Server en ETL. BizTalk nadert bovendien het einde van de levensduur. Ook zijn hoge tarief en het ontbreken van kennis van het Nederlands maakten plaatsing volgens de werkgever moeilijk.
Volgens de rechter had de werkgever echter tijdig moeten anticiperen op de ontwikkelingen in de IT-sector. Hij had de werknemer eerder ervaring kunnen laten opdoen met nieuwe software en hem eventueel tegen een lager tarief op een opdracht kunnen plaatsen. Dat dit aanvankelijk verliesgevend zou zijn, komt volgens de rechter voor rekening en risico van de werkgever. De werknemer had inmiddels wel enige nieuwe software geleerd, waaronder Python, maar nog onvoldoende ervaring om zijn gebruikelijke tarief te rechtvaardigen.
De rechter oordeelt verder dat van de hoogopgeleide werknemer, die al acht jaar in Nederland woont, eigen initiatief mocht worden verwacht om Nederlands te leren. Toch had de werkgever niet duidelijk gemaakt dat dit noodzakelijk was en bood hij geen Nederlandse opleiding aan. Ook was onvoldoende onderbouwd dat het gewenste taalniveau anderhalf tot twee jaar zou vergen.
Omdat de werkgever zich onvoldoende had ingespannen voor scholing, plaatsing tegen een lager tarief of interne herplaatsing, was het vooral aan hem te wijten dat de werknemer niet kon worden ingezet. Daardoor was geen sprake van een voldragen h-grond: voortzetting van het dienstverband kon redelijkerwijs nog wel van de werkgever worden verlangd. De arbeidsovereenkomst blijft daarom in stand.
Vandaag Inside: 'The Champ' richt zich in video tot René van der Gijp, Wim Kieft, Michel van Egmond en Rob Jansen