Kaartjes voor voetbalwedstrijden loon in natura: geen zakelijk karakter
In dit artikel:
Een dochter-bv in de schoonmaakbranche verstrekte in seizoen 2019–2020 twee Ajax-seizoenkaarten en had in 2019 daarnaast 22 kaarten voor Ajax–Juventus. De dga bezocht zelf meerdere thuiswedstrijden. Na een boekenonderzoek in 2021 kwalificeerde de Belastingdienst de kaartverstrekking als loon in natura en legde een naheffingsaanslag loonheffingen op van €121.635. De bv voerde aan dat de kaarten acquisitiemiddelen waren om (potentiële) klanten mee te nemen naar wedstrijden en zo nieuw werk binnen te halen; voor zover er een privévoordeel was, zou dat aan de dga als aandeelhouder en niet als werknemer zijn toegekomen.
De rechtbank Gelderland (uitspraak 29 januari 2026, ECLI:NL:RBGEL:2025:4988) verwierp die stellingen. De rechter oordeelde dat het bezoeken van voetbalwedstrijden primair een recreatief karakter heeft en dat de bv niet aannemelijk heeft gemaakt wie de kaarten heeft gebruikt en met welk zakelijk doel. Veronderstellingen dat tijdens wedstrijden zakelijke contacten ontstaan, nemen volgens de rechtbank het consumptieve karakter van het bezoek niet weg. Ook de bewering dat het voordeel aan de dga als aandeelhouder zou zijn gegeven, faalde nu sprake is van loon.
Het onderzoek leverde bovendien op dat voor vijf ritten naar de Amsterdam ArenA geen bijtelling voor de ter beschikking gestelde auto was berekend; omdat die ritten als privéritten werden aangemerkt en in 2019 meer dan 500 km privé is gereden, had bijtelling moeten plaatsvinden. De naheffing bleef daardoor in stand; er werd wel een beperkte boetematiging toegepast: de boete werd met 10% verlaagd wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Praktische les uit de zaak: zorg voor deugdelijke administratie (wie gebruikte kaarten, met wie en met welk doel) en een goede rittenregistratie bij zakelijke middelen om loonheffingsrisico’s en bijtellingsclaims te voorkomen.