Pensioenkloof: vrouwen bouwen vaak minder pensioen op dan mannen
In dit artikel:
Nederland heeft een van de sterkste pensioenstelsels ter wereld en bijna 90% van de werknemers bouwde eind 2023 aanvullend pensioen op via de werkgever. Toch bestaat er een duidelijke pensioenkloof tussen mannen en vrouwen: vrouwen hebben gemiddeld een lager aanvullend pensioen. Onderzoek (IBO Pensioenopbouw in balans) en CBS-cijfers wijzen uit dat het belangrijkste achterliggende oorzakelijke patroon arbeidsduurverschil is.
Ongeveer 65% van de werkende vrouwen werkt in deeltijd, aanzienlijk meer dan mannen. Bij de komst van kinderen verkleint vaak het arbeidsaanbod van vrouwen terwijl mannen hun uren veel minder aanpassen. Minder werken betekent direct minder loon, dus minder premie-inleg en uiteindelijk een lager pensioen. Daar komen bij: vrouwen verdienen gemiddeld minder, zijn ondervertegenwoordigd in hogere functies, en lopen vaker carrièreonderbrekingen door zorg voor kinderen of mantelzorg — factoren die cumulatief doorwerken in het pensioenvermogen.
De invoering van het nieuwe pensioenstelsel vergroot het belang van het tijdstip van premie-inleg: vroeg ingelegde premies hebben langer om rendement op te bouwen, waardoor minder werken in de vroege loopbaan relatief grote gevolgen kan hebben. Ook spelen cao-afspraken en ondernemingstarieven een rol; pensioenopbouw tijdens betaald en onbetaald verlof verschilt per sector en regeling.
Daarnaast heeft de juridische vorm van een relatie invloed op pensioen bij scheiding. De Wet verevening pensioenrechten bij scheiding regelt gelijkdeling van tijdens huwelijk of geregistreerd partnerschap opgebouwd ouderdomspensioen, maar die bescherming geldt niet automatisch voor ongehuwd samenwonenden — relevant gezien dat ongeveer een derde van huwelijken eindigt in echtscheiding en veel samenwoonrelaties ook verbreken.
Conclusie: het sterke Nederlandse systeem verbergt ongelijkheden die voortkomen uit arbeids- en zorgverdeling. Verbeterde voorlichting over financiële gevolgen van keuze voor arbeidsduur en verlof, aanpassingen in arbeidsvoorwaarden/cao’s en meer gelijke taakverdeling tussen partners zijn cruciaal om de pensioenkloof te verkleinen.